Description
Un western entre revolvers et vaudou
Avec Jim Cutlass – Intégrale, est réunie l’une des séries western les plus singulières de la bande dessinée européenne. Née sous la plume de Jean-Michel Charlier et dessinée initialement par Jean Giraud, la série évolue sur sept albums pour devenir un mélange atypique de western, d’horreur gothique et de fantasy surréaliste. Cette intégrale met en lumière à la fois le parcours de son héros et la transformation progressive de la série, qui s’éloigne peu à peu des codes classiques du western.
Jim Cutlass est un ancien officier nordiste qui, après la guerre de Sécession, se rend en Louisiane pour hériter d’une plantation de coton. Il y découvre une société profondément fracturée, encore marquée par l’esclavage, le racisme et la violence. Très vite, il se retrouve confronté à des propriétaires corrompus, au Ku Klux Klan et à une série de figures troubles qui dominent le Sud des États-Unis.
Ce qui rend Jim Cutlass si fascinant, c’est sa capacité à changer constamment de tonalité. Les premiers albums s’inscrivent dans la grande tradition du western réaliste, avant que des éléments surnaturels ne s’immiscent progressivement dans le récit. Vaudou, zombies, hallucinations et sectes mystérieuses prennent peu à peu le dessus, transformant la série en une œuvre hybride, bien plus étrange et unique que le western classique.
Cette atmosphère fonctionne remarquablement bien. Les marécages humides de Louisiane, la menace omniprésente du Ku Klux Klan et les éléments magiques créent une ambiance oppressante et presque hallucinée. Jim Cutlass lui-même est un héros atypique : impulsif, profondément humain et constamment balloté dans un monde de plus en plus chaotique.
Sur le plan visuel, la série est également marquante. Jean Giraud signe le premier album, avant que Christian Rossi ne reprenne le dessin. Rossi prolonge le réalisme et la puissance graphique de Giraud tout en imposant sa propre identité, faite de décors atmosphériques, de personnages expressifs et de scènes d’action spectaculaires. Les marécages et les séquences nocturnes donnent notamment à la série une signature visuelle forte et mémorable.
Avec Jim Cutlass – Intégrale, les lecteurs découvrent une saga western complète qui mêle aventure classique, fantastique, horreur et enjeux sociaux. Une série fascinante qui démontre à quel point le western peut se réinventer sans perdre son souffle d’aventure.
Avis
Score moyen 4 / 5
Twee kilo schoon aan de haak: zo zwaar is de bundeling van alle zeven Jim Cutlass-albums. Dat maakt het lezen van dit boek niet makkelijk, maar het trainen van de spieren loont. De albums van deze alleen nog tweedehands te verkrijgen avonturenserie vormen samen één doorlopend verhaal. En ze in één ruk achter elkaar uitlezen, is zeker geen straf.
Jim Cutlass was oorspronkelijk een 17 pagina’s tellend verhaal dat Jean Giraud en Jean-Michel Charlier in 1976 maakten voor een western-special van het tijdschrift Pilote. De twee auteurs hadden ruzie met uitgeverij Dargaud over de opbrengsten van hun succesreeks Blueberry en ze hadden even geen zin om nog een nieuw verhaal met hun beroemde held te maken. Daar kwam bij dat Giraud sowieso een pauze wilde om zijn artistieke kant onder het pseudoniem Moebius verder te ontwikkelen. Dat de twee überhaupt nog een kort verhaal hebben gemaakt voor Pilote, was alleen om de deur naar Dargaud (ook de uitgever van Pilote) niet definitief dicht te smijten.
Jim CutlassDe ruzie zou evenwel nooit worden bijgelegd en de twee zouden latere Blueberry-albums niet meer door Dargaud laten uitgeven. Een laatste signaal dat ze die uitgever gaven dat het hen echt menens was, kwam in 1979. Giraud en Charlier besloten om het korte Jim Cutlass-verhaal uit te breiden tot een volwaardig album en dat te laten uitbrengen door de mede door Giraud zelf opgerichte uitgeverij Les Humanoïdes Associés.
Wie dat eerste album herleest, valt meteen op dat Giraud en Charlier eigenlijk een klassiek Blueberry-verhaal hebben gemaakt, maar dan in een ander jasje. Cutlass is net als Mike Blueberry uit de beroemde reeks een ‘blauwjas’, een militair van de noordelijke troepen tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. En Cutlass heeft hetzelfde karakter: anti-autoritair, dol op gokken, goed in vuistgevechten en makkelijk in de omgang met mooie vrouwen. Alleen heeft Cutlass rode krullen en is de traditionele western-omgeving verplaatst naar de Mississippi en New Orleans met het moeraslandschap daaromheen. En net als Blueberry wordt ook Cutlass meegesleurd in een complot van een aantal slechteriken.
Jim CutlassIn het eerste deel reist Cutlass naar New Orleans omdat hij de plantage van een overleden oom geërfd heeft. Eenmaal aangekomen, komt hij er achter dat hij de erfenis moet delen met zijn bloedmooie nicht Carolyn. De twee kunnen niet echt goed met elkaar overweg. Wel is er de nodige sensuele aantrekkingskracht. Hun relatie heeft Charlier losjes gebaseerd op de personages Rhett Butler en Scarlett O’Hara uit de beroemde film Gone with the Wind.
Het Cutlass-project lag na dat eerste album jaren stil. De twee auteurs hadden immers de Blueberry-serie inmiddels weer opgepakt voor andere uitgevers. Charlier had al 36 pagina’s scenario af voor een nieuw Cutlass-album toen hij stierf in 1989, waarna Giraud besloot het verhaal zelf af te maken. Als tekenaar trok hij Christian Rossi aan, een oud-leerling van Jijé die toen al ervaring had opgedaan met zijn eigen western-reeks De huifkar van Thespis. Rossi wist de Giraud-Moebius-stijl verdomd knap te benaderen zonder een platte imitator te worden. In 1991 verschijnt hun eerste gezamenlijke album.
Jim CutlassHet zijn de door Giraud geschreven delen die de serie naar een hoger niveau tillen. Waar het eerste Charlier-verhaal nog een overduidelijk Blueberry-kopie is, daar krijgt Jim Cutlass in de volgende delen een eigen smoel. Meer en meer verandert hij van een stereotype cowboy-held in een soort onhandige schlemiel die wordt bespeeld door alle andere personages in het verhaal waarvan het tempo elk deel verder omhoog gaat. Cutlass moet strijden met de Ku Klux Klan, met een voodoo-tovenaar, met wraakzuchtige vrouwen. Hij belandt deels in een droomwereld waarin echt en onecht door elkaar heen lopen en hij moet strijden tegen zombies en een voorwereldlijke krokodil. Wie alle delen achter elkaar leest, zal merken dat je steeds sneller door de pagina’s heen gaat. Het is heerlijk vermaak waar je niet te lang bij na hoeft te denken. Alles voor de actie. En dat is verslavend.
Enige minpunt aan de serie is het laatste deel. Giraud en Rossi leken er niet veel zin meer in te hebben. Mogelijk omdat de serie bij lange na nooit het commerciële succes van Blueberry wist te benaderen. Mogelijk omdat het verhaal inmiddels zo doldwaas werd vol zijpaden en personages dat ze niet meer wisten hoe het verder moest. Hoe dan ook: er moest een punt achter worden gezet. Giraud raffelde het scenario af naar een soort van einde waarin ineens allerlei losse eindjes aan elkaar werden geknoopt in lange uitleg-dialogen. Rossi was plots minder stijlvast en koos voor een snellere, schetsmatige stijl.
Maar dat is dan ook het enige kritiekpunt op Jim Cutlass. Want wie gewoon zin heeft in pretentieloos avontuur, niet te veel nadenken en een beetje hocus pocus voor het benodigde horror-element, beleeft heel veel plezier aan deze strip. bron: WWW.9dekunst.nl
Een westen reeks die na verloop van tijd steeds neer begon af te wijken van de traditionele westen door invloeden van bovennatuurlijke elementen zoals voodoo, zombies en hallucinaties. toch is de reeks, nu gebundeld in een integrale met helaas niet een echt dossier, van 6 delen door de het afwijkende scenario van de klassieke westen zeker de moeite waard om te lezen.
tentez de gagner un chèque cadeau d'une valeur de €5 Rédiger un avis