De Naam Van De Roos 2

De Naam Van De Roos 2

Numéro 2
Couverture Softcover
Langue NL
Éditeur Prometheus
Numéro ISBN 9789044657401
Collection De Naam Van De Roos
Dimensions 21X30 cm
Nombre de pages 72
Dimensions 21X30 cm
Mots clés roman, litteratuur,
Date de parution 27-02-2026
Dispo. sous 1-5 jours Prix BD Web: 24,99

Description

Plus de quarante ans après la parution du Nom de la rose d’Umberto Eco, l’un des romans les plus célèbres et les plus vendus de tous les temps, le premier volume de la graphic novel du même nom est paru en 2023. Cette adaptation en bande dessinée a elle aussi rencontré un succès immédiat, ne serait-ce que grâce aux somptueuses illustrations de Milo Manara. Le deuxième tome est désormais enfin achevé : l’aboutissement d’une collaboration posthume unique entre l’écrivain et le dessinateur.

Umberto Eco (1932-2016) fut l’un des écrivains européens les plus importants et les plus couronnés de succès. Après sa percée au début des années 1980 avec Le Nom de la rose, il publia des romans, des livres pour la jeunesse ainsi que de nombreux essais et ouvrages de non-fiction.

Milo Manara (1945) est un auteur de bande dessinée italien de renommée internationale. Il a déjà adapté de grands classiques de la littérature mondiale. Umberto Eco l’admirait profondément.

À propos de la première graphic novel :
« La version en bande dessinée du Nom de la rose est un bel hommage au chef-d’œuvre d’Umberto Eco. »
de Volkskrant

« On peut sans hésiter dire que Manara a transposé avec élégance le livre le plus aimé d’Eco en bande dessinée. »
De Telegraaf

« Désormais, lorsque je penserai au Nom de la rose, ce seront les images de la bande dessinée, plutôt que celles du film, qui me viendront à l’esprit. »

Découvrez aussi Voir la série entière
Prix BD Web: 24,99
Disponible de suite

Avis

Score moyen 5 / 5
Score:
5/5
Par: Hugo Vanderstraeten le 04 avril 2026

In 2023 verraste Milo Manara ons met een indrukwekkend eerste deel van de verstripping van Umberto Eco’s meesterwerk De naam van de roos. De verwachtingen voor dit tweede deel lagen dan ook hoog, maar worden ruimschoots ingelost.
Manara levert opnieuw een waar juweel af. Hij slaagt erin dit literaire monument toegankelijk te maken voor een breder publiek, zonder de intellectuele rijkdom ervan te verliezen. Al blijft het soms nodig om Latijnse termen op te zoeken—een verklarende woordenlijst had hier zeker een meerwaarde kunnen zijn.
Het verhaal combineert een detectiveplot met filosofische reflecties over kennis, macht en geloof, gesitueerd in een intrigerend middeleeuws decor. Verteller van dienst is de jonge novice Adson van Melk, die samen met zijn leermeester, de Franciscaanse monnik William van Baskerville, naar een benedictijner-abdij in Noord-Italië reist om daar een congres tussen gezanten van de Paus en Franciscaanse minderbroeders bij te wonen. Ter plaatse worden ze belast met de opheldering van een aantal moorden.
Dit tweede deel vangt aan op de derde dag, wanneer Adson bezwijkt voor de verleiding van een boerenmeisje. In deze subtiel erotische scène toont Manara zich op zijn best. Zijn zonde wordt hem vergeven, waarna William zich opnieuw op het onderzoek stort. Met scherpe logica, observatie en interpretatie van tekens probeert hij de waarheid te achterhalen.
De zoektocht leidt hen naar de imposante bibliotheek, hét symbool van kennis binnen de abdij. Daar komen ze oog in oog te staan met de ware antagonist: de blinde monnik Jorge van Burgos, hoeder van verboden kennis. Zijn fanatieke drang om humor en vrije gedachte te onderdrukken, mondt uit in een dramatische ontknoping.
Visueel is dit album ronduit indrukwekkend. Het tekenwerk van Manara en het subtiele kleurenpalet van zijn dochter Simone tillen het geheel naar een hoger niveau. De sacrale sfeer van de abdij wordt haast tastbaar. De gedetailleerde decors en vooral de expressieve gezichten van de personages springen in het oog. De discussies tussen geestelijken krijgen extra kracht door de levendige mimiek.
Opvallend is ook dat William van Baskerville qua uiterlijk doet denken aan Marlon Brando—een knipoog die het personage nog meer karakter geeft.
In een epiloog keert Adson jaren later terug naar de ruïnes van de abdij. De graphic novel eindigt met dezelfde beklijvende zin als Eco: “Stat rosa pristina nomine, nomina nuda tenemus.” Vrij vertaald: “De roos van weleer bestaat alleen nog in haar naam; wij bezitten slechts naakte namen.” Of eenvoudiger: dingen verdwijnen, maar hun naam of herinnering blijft bestaan.
Deze stripadaptatie is meer dan een eerbetoon aan Eco’s werk. Het is een zelfstandig kunstwerk dat zowel inhoudelijk als visueel weet te imponeren. (HV) https://sprokkels-en-brokkels.be/

Donnez votre avis &
tentez de gagner un chèque cadeau d'une valeur de €5
Rédiger un avis